Waar wij in liefdevolle vriendschap samen zijn, daar is God in ons midden!

Allerheiligen

Het wordt ook dit jaar weer Allerheiligen. Wat viéren we eigenlijk als we Allerheiligen vieren, en  wat heeft dat met míj te maken?

In Allerheiligen zit het woord heil, en dat heeft met ‘heelworden’ van doen. En dan lees ik in de Romeinenbrief hoe Paulus schrijft: “Intussen weten we dat God in alles het heil (= de ‘heelwording’!) bevordert van die Hem liefhebben …” En daar staat dan in één zin verwoord wat we vieren met Allerheiligen, en wat dat met míj te maken heeft: weten dat God in alles het heil bevordert van wie Hem liefhebben.

Dat ‘weten’ is niet ons verstandelijke kennen, zoals we kennis kunnen hebben van bijvoorbeeld wiskunde. Dat Bijbelse ‘weten’ is vooral een kennis-met-het-hart, een existentieel doorleefd hebben, met een modern woord ‘ervaringskennis’. Daarom ontstaan er tegenwoordig ook steeds meer ‘lotgenotengroepen’ voor als je iets ergs hebt meegemaakt, omdat dáár die ervaringskennis gedééld kan worden, omdat je dáár onder gelijken bent die weet hebben van wat je soms nauwelijks onder woorden kunt brengen.

Met Allerheiligen vieren we precies zo’n ‘lotgenotenverband’: hoe mensen vóór ons ons mensenlot heel existentieel gedeeld hebben, en hoe zij ons kunnen helpen om dat nu in onze tijd en op onze manier óók te doen, zodat we er ‘hele’ mensen van kunnen worden. Zó heeft God ons ook gewild en bedoeld: “Wees heilig, omdat Ik heilig ben,” zegt Hij ons aan.

Maar Paulus zegt er nog iets bij: “van wie Hem liefhebben”… En dóe ik dat wel, heb ik Hem lief? Wat betekent dat: Hem liefhebben? Ook dáárin kunnen de heiligen die ons zijn voorgegaan ons hun ervaringskennis geven. Want ‘liefhebben’ is geen sinecure, dat doe je niet zo maar eventjes. Wéten wij nog wel van ‘God liefhebben’? Hoe dat onlosmakelijk verbonden is met het kruis in ons leven, het kruis waaraan Jezus is gestorven uit liefde voor ons?

Huiveringwekkend wordt ons dat voorgedaan door bijvoorbeeld moeder Teresa, een heilige uit onze tijd. Haar ervaringskennis is te lezen in haar boek Kom, wees mijn Licht. Als ik dat  boek lees, en tot me door probeer te laten dringen wat ‘God liefhebben’ dus kan betekenen, dan merk ik toch dat ik dat helemaal niét ‘wil’, niet kán willen, hoezeer ik dat ook zou ‘willen’. Dan kom ik in mijzelf dat spanningsveld tegen waar Paulus het over heeft als hij zegt: “Wat ik wil dat doe ik niet en wat ik doe dat wil ik niet”.

En net als de heiligen kom ik ook in mijn eigen leven voldoende tegen wat me uitnodigt én confronteert met de gave die tevens ook opgave is: God liefhebben. Gelukkig hoef ik het niet alléén te doen, ook dát hebben de heiligen mij voorgeleefd.  “Zonder Mij kun je niets,” zegt Jezus. En dat is geen dreigement, dat is een grote troost: Hij is ons voorgegaan, Hij heeft het kruis ontkracht en ons het Leven gegeven!

Dát hebben de heiligen ontdekt, dat we het inderdaad niet alléén hoeven te doen. Zoals Augustinus zegt: “intimior intimo meo”, dat is dieper dan mijn diepste diep, dáár wacht God op mij, dáár is Hij te vinden, Hij die daar altijd gereed staat om mijn heil te bevorderen!

Als ik Hem écht liefheb, als het mij écht om Hém te doen is in mijn leven (en niet om God als Grote Tovertruc, als Joker in mijn  magisch wensdenken, waarmee ik alle leed, alle ‘kruis’ wil wegtoveren uit mijn leven), dan gaan die prachtige woorden van Augustinus ook voor mij leven, dan worden ze ook voor mij ervaarbaar in mijn leven: “Veel te laat heb ik jou lief gekregen, binnen in mij was je, ik was buiten, en ik zocht jou als een ziende blinde buiten mij…”

Ja, Allerheiligen is toch echt een feest om te viéren, om te gedenken, ieder jaar weer en opnieuw.

(meditatie door Ghislaine van Opstal bij Allerheiligen 2010)