Waar wij in liefdevolle vriendschap samen zijn, daar is God in ons midden!

Ons Huis, JMJ en Culemborg

De Gemeenschap van JMJ, voluit aangeduid als de Sociëteit van de Zusters van Jezus, Maria en Jozef, heeft een bijzondere band met Culemborg. Dat mag blijken uit twee teksten:

Ons Age Kuilenbûrg

in het Culemborgs Weekblad 1 mei 2002

150 jaar JMJ

Herinneringen van zo lang geleden
met foto's, verhalen van allerlei slag
van Ridderstraat waar geschiedenis leefde
waar nonnetjes naar de perfectie streefden
en waar Mariakroon daag'lijks de Jozefschool zag.

Waar de 'pensionaires' hun opleiding volgden
waar de 'grote cour' het middelpunt was
waar het grote klooster dit alles herbergde
en waar de gelofte verdraagzaamheid vergde
waar je soms in de ogen wat eenzaamheid las.

Het Barbara ziekenhuis, het juweel in 'De Dreven'
het krakend geritsel van een non in het wit
waar werd verzorgd bij pijn en in lijden
in alle goede of slechte tijden
want Liefde was hun rijkste bezit.

Waar nonnetjes met wapperende panden
vlogen van 'afwas naar de klas'
waar ze kinderen door de klas begeleidden
en op het leven voorbereidden
alsof dat zaligmakend was....

Toch waren karakters zo verschillend
de ene stuurs de ander lief
het waren net 'gewone mensen'
(alleen met minder luxe wensen)
die leefden met meer ongerief

JMJ, dat staat voor Liefde
van dienstbaar zijn aan al wat leeft
Jezus, Maria, en Jozef gezangen
klonken uit de kapel met verlangen
aan God die alle hulpe geeft.

Mariakroon en Jozefschool
het Barbara met alle zorgen
dit alles is voorbij, voorbij
maar JMJ, dat blijft voor mij
en iedereeen toch nooit verborgen
want....

Het Stiltecentrum dag aan dag
schenkt aandacht, net als al die jaren
waar JMJ de rust blijft geven
bij alle dingen in het leven.

Els

In het Informatiebulletin van april 2002 schrijft zuster Margreet van de Meer JMJ over 150 jaar JMJ in Culemborg het volgende:

1852 - 2002 : 150 jaar JMJ in Culemborg

JMJ én Culemborg: ze horen bij elkaar!
Het prille begin ligt echter al in 1819, toen enkele jonge vrouwen aan Pater Wolff te kennen gaven, dat zij naar het klooster wilden. Pater Wolff was toen werkzaam in Culemborg en hij stuurde deze jonge vrouwen voor hun vorming in het religieuze leven naar België. Zij kwamen uit Culemborg en de omliggende dorpen.
Zo kwam in 1822 onze Sociëteit tot stand in onze eerste stichting in Amersfoort.
Deze hele geschiedenis staat beschreven in de boeken "En het zaad groeide op" en "De verscheurende Wolff". Daarin kan men lezen over de veelbewogen eerste 30 jaren van onze Sociëteit van 1822 tot 1852.

Toen Pater Wolff in 1852 zijn gouden priesterfeest vierde, ging een grote wens van hem in vervulling: er kwam een stichting van de Sociëteit in zijn dierbare stad Culemborg. De eerste vestiging in dit stadje was eveneens in de Grote Kerkstraat, maar dan precies aan de andere kant als waar nu de Zusters wonen.
Er kwamen vier zusters, die de zorg kregen over vier weeskinderen en een bewaarschool. Voor de weesjes kreeg men jaarlijks een vergoeding van f 25,- per kind, d.i. ongeveer twee kwartjes per week en ze kregen ook iedere week twee roggebroden.

In 1856 betrok men twee huizen aan de Markt en daarin werd het pensionaat geopend. Maar men leed werkelijk nog gebrek. De aardappelen werden geteld: voor elke zuster twee of drie; voor de vier zusters waren niet meer dan drie stoelen beschikbaar. Enfin, nummer vier stond voor de klas. Het kostgeld voor de pensionairen bedroeg slechts f 130 per jaar.
Maar Pater Wolff moedigde de zusters aan en voorspelde een grote toeloop van pensionairen van gegoede burgers uit het hele land en dat Culemburg het grootste "opvoedingsgesticht" van de Congregatie zou worden. En dat is uitgekomen!

Tot 1857 heeft Pater Wolff het werk van de zusters in Culemborg van nabij kunnen volgen. Maar al gauw was de behuizing aan de Markt te klein en in 1860 werd in de Ridderstraat een huis aangekocht. Er waren toen 15 pensionairen. Maar in 1864 was het aantal al uitgegroeid tot 40.
Opnieuw werden in 1870 en 1880 in de Ridderstraat huizen aangekocht en zodoende kwam men tot nieuwbouw in de Ridderstraat, die in 1882 gereed kwam. Dit werd het alom bekende pensionaat Mariakroon. Het aantal pensionairen bedroeg al gauw ruim 100.
In de Ridderstraat was men toen ook al begonnen met een dagschool voor meisjes, de Jozefschool. Behalve het Uitgebreid Lager Onderwijs in het pensionaat, werd er in 1899 een huishoudschool opgericht, die bestaan heeft tot 1953.

In 1895 kwam er voor onze Sociëteit én voor Culemborg een tweede belangrijke stichting van J.M.J., nl. het St. Barbaragesticht. Aanvankelijk was dit een tehuis voor ouden van dagen, maar in 1931 werd het St. Barbaraziekenhuis gebouwd. Eén afdeling bleef bestemd voor bejaarden. Wie herinnert zich niet het ziekenhuis, hetzij als verpleegster of als patient?
Vanuit de gehele Nederlandse provincie kwamen zusters-patienten naar het ziekenhuis om daar hun appendix, galblaas of amandelen achter te laten. Moest je naar de röntgenafdeling, dan klonk daar iedere vijf minuten de stem van Marianne van Esveld: "Hemdje uit ….. broekje aan".

Rond 1960 kwamen er belangrijke veranderingen. Men ging o.a. op huisbezoek bij mensen in de stad (Marialegioen). De behoefte aan pensionaten was niet zo groot meer en er was gebrek aan ruimte voor verpleegpatienten in het Barbaraziekenhuis. Dit had tot gevolg dat het pensionaat werd opgeheven en dat de communiteit van Barbara werd gehuisvest in Mariakroon. De ontstane ruimte in Barbara werd ingericht voor verpleegafdelingen en in Mariakroon ontstond een communiteit met 70 zusters, die werkzaam waren in scholen en ziekenhuis. Dit gebeurde in 1964.

In 1962 waren er weer nieuwe werkzaamheden begonnen in Culemborg. Een zuster kreeg een verzorgende taak in het algemene bejaardencentrum Elisabeth-hof en één zuster kwam in de school voor Buitengewoon Onderwijs, onder protestants-christelijk Bestuur. Dat was in die tijd uniek!
De B.L.O.-school had behoefte aan een internaatje voor de leerlingen, die uit de dorpen in de West-Betuwe kwamen. Zij werden vanaf 1964 gehuisvest in Mariakroon, toen het Mulo-pensionaat was opgeheven. Dit groepje interne B.L.O.-leerlingen hebben we ruim 10 jaar in Mariakroon gehad.

Intussen ging de Sociëteit op de "moderne" toer. Denk maar aan het kapittel van 1962. Er ontstond een behoefte om kleinere groepen te vormen. De oplossing voor Culemborg werd in 1967 de splitsing van de grote communiteit in twee kleinere groepen: de ouderen en de jongeren. Maar het was verre van ideaal; kortom: het ging niet!
Zr. Hélène Pijls typeerde het later heel treffend met de opmerking: "Die groep van jullie was een modelboerderij!"
De gevolgen waren, dat in 1969 een groep zusters in een flat is gaan wonen, elders in de stad en anderen keerden weer op hun basis terug bij de ouderen.
We hebben in die tijd ook nog een groepje zusters gehad in de Willemslaan.

In 1976 brandde een groot deel van het vroegere Augustijnenklooster af. De studenten van de Sociale Academie kregen toen onderdak in Mariakroon en 17 zusters gingen wonen in het gedeelte van het Augustijnenklooster dat na de brand was overgebleven.
In 1980 kregen we een prachtig nieuw huis in de Grote Kerkstraat. Daar woonden we met 12 zusters. Aanvankelijk had ieder nog haar eigen taak, maar de pensioengerechtigde leeftijd kwam aan. In 1989 ging de laatste onderwijzeres met pensioen.

Sommigen kregen elders in Nederland een taak voor de Sociëteit of ze gingen naar een verzorgingshuis.
Het gevolg was dat het aantal zusters verminderde. Maar degenen die nog in Culemborg bleven, wisten zich verdienstelijk te maken met parochiewerk en sociale contacten in de stad, totdat we in 1999 nog met vier zusters overbleven. De kwestie "opheffing" van onze vestiging in Culemborg kwam ter sprake. Heel jammer maar ons 150-jarig verblijf in Culemborg was niet meer te realiseren!
In een circulaire van zuster Ignatia werd de opheffing aangekondigd.
Culemborg, de bakermat van onze Sociëteit opheffen, dat kón toch niet!

En …… oh wonder! Er kwamen suggesties bij het bestuur, die alle hetzelfde luidden: "is Culemborg soms iets voor Barendrecht?" "Ons Huis" kampt al lang met ruimte-tekort voor haar gasten! En:…… Men kwam, zag en overwon!!!
Nadat wij Culemborg eind augustus verlaten hadden, werd het huis keurig opgeknapt en per 1 november 1999 kwamen de zusters Clary Braun en Cor Dominicus en mevrouw Riene Lomme uit Barendrecht naar Culemborg. Zr. Benedict Melchers maakte het viertal compleet.

De doelstelling van "Ons huis" was voor Culemborg geheel nieuw: een huis voor gastvrijheid, gebed en gesprek waar iedereen welkom is die in de drukte van iedere dag wat tot rust en bezinning wil komen. Zowel voor logeergasten als voor de mensen uit Culemborg en omgeving staat de deur van "Ons huis" open en lees- en stilteruimte zijn voor ieder toegankelijk. En dat geldt ook voor deelname aan de vier dagelijkse gebedstijden en de bezinningsdagen.
Er is na afspraak altijd mogelijkheid voor een gesprek.

De parochie Culemborg is daar heel blij mee.
Het is een voorziening die er nog niet was.
En zo kunnen we nu in de Grote Kerkstraat het 150-jarig bestaan vieren van onze vestiging in Culemborg, waar met vier zusters begonnen werd en waar nu weer door vier personen vruchtbaar werk verricht wordt in "Ons Huis".

Zr. Margreet van der Meer JMJ